gelijktijdig

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Etymology[edit]

gelijk + tijd + -ig

Adjective[edit]

gelijktijdig (not comparable)

  1. simultaneous

Declension[edit]

Adverb[edit]

gelijktijdig

  1. simultaneously
    De chemische structuur van DNA, een dubbele helix, werd in 1953 ontdekt door Rosalind Franklin, die gelijktijdig met James D. Watson en Francis Crick aan het onderzoek werkte. — The chemical structure of DNA, a double helix, was discovered in 1953 by Rosalind Franklin, who worked doing research simultaneously with James D. Watson and Francis Crick.