zitvlak

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Etymology[edit]

From zitten (to sit) +‎ vlak (plane, surface)

Pronunciation[edit]

  • (file)
  • Hyphenation: zit‧vlak

Noun[edit]

zitvlak n (plural zitvlakken, diminutive zitvlakje n)

  1. seat, part of an individual directly involved in sitting, a euphemism for the butt
    Een zeer zitvlak is een ironisch bijverschijnsel van een op het zitvlak gerichte straf voor niet stilzitten in de les
    A sore seat is an ironic byproduct of a bottom-targetted punishment for fidgetting on one's seat in class

Synonyms[edit]