beroerd

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search
See also: berörd

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

  • IPA(key): /bəˈrurt/
  • (file)
  • Hyphenation: be‧roerd
  • Rhymes: -urt

Adjective[edit]

beroerd (comparative beroerder, superlative beroerdst)

  1. bad, poor, crappy

Inflection[edit]

Inflection of beroerd
uninflected beroerd
inflected beroerde
comparative beroerder
positive comparative superlative
predicative/adverbial beroerd beroerder het beroerdst
het beroerdste
indefinite m./f. sing. beroerde beroerdere beroerdste
n. sing. beroerd beroerder beroerdste
plural beroerde beroerdere beroerdste
definite beroerde beroerdere beroerdste
partitive beroerds beroerders

Derived terms[edit]

Participle[edit]

beroerd

  1. past participle of beroeren

Declension[edit]

Inflection of beroerd
uninflected beroerd
inflected beroerde
comparative
positive
predicative/adverbial beroerd
indefinite m./f. sing. beroerde
n. sing. beroerd
plural beroerde
definite beroerde
partitive beroerds

Anagrams[edit]