doorgeprikt

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Participle[edit]

doorgeprikt

  1. past participle of doorprikken

Declension[edit]

Inflection of doorgeprikt
uninflected doorgeprikt
inflected doorgeprikte
comparative
positive
predicative/adverbial doorgeprikt
indefinite m./f. sing. doorgeprikte
n. sing. doorgeprikt
plural doorgeprikte
definite doorgeprikte
partitive doorgeprikts