associërend

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Participle[edit]

associërend

  1. present participle of associëren

Declension[edit]

Inflection of associërend
uninflected associërend
inflected associërende
comparative
positive
predicative/adverbial associërend
associërende
indefinite m./f. sing. associërende
n. sing. associërend
plural associërende
definite associërende
partitive associërends