beschadigd

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Participle[edit]

beschadigd

  1. past participle of beschadigen

Declension[edit]

Inflection of beschadigd
uninflected beschadigd
inflected beschadigde
comparative
positive
predicative/adverbial beschadigd
indefinite m./f. sing. beschadigde
n. sing. beschadigd
plural beschadigde
definite beschadigde
partitive beschadigds