toegepast

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Participle[edit]

toegepast

  1. past participle of toepassen

Declension[edit]

Inflection of toegepast
uninflected toegepast
inflected toegepaste
comparative
positive
predicative/adverbial toegepast
indefinite m./f. sing. toegepaste
n. sing. toegepast
plural toegepaste
definite toegepaste
partitive toegepasts