beheerd

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Participle[edit]

beheerd

  1. past participle of beheren

Declension[edit]

Inflection of beheerd
uninflected beheerd
inflected beheerde
comparative
positive
predicative/adverbial beheerd
indefinite m./f. sing. beheerde
n. sing. beheerd
plural beheerde
definite beheerde
partitive beheerds