ongevaarlijk

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Etymology[edit]

on- +‎ gevaarlijk

Adjective[edit]

ongevaarlijk ‎(comparative ongevaarlijker, superlative ongevaarlijkst)

  1. harmless

Inflection[edit]

Inflection of ongevaarlijk
uninflected ongevaarlijk
inflected ongevaarlijke
comparative ongevaarlijker
positive comparative superlative
predicative/adverbial ongevaarlijk ongevaarlijker het ongevaarlijkst
het ongevaarlijkste
indefinite m./f. sing. ongevaarlijke ongevaarlijkere ongevaarlijkste
n. sing. ongevaarlijk ongevaarlijker ongevaarlijkste
plural ongevaarlijke ongevaarlijkere ongevaarlijkste
definite ongevaarlijke ongevaarlijkere ongevaarlijkste
partitive ongevaarlijks ongevaarlijkers

Antonyms[edit]