Jump to content

verstrekkend

From Wiktionary, the free dictionary

Dutch

[edit]

Etymology 1

[edit]

Pronunciation

[edit]
  • Audio:(file)

Participle

[edit]

verstrekkend

  1. present participle of verstrekken
Declension
[edit]
Declension of verstrekkend
uninflected verstrekkend
inflected verstrekkende
positive
predicative/adverbial verstrekkend
verstrekkende
indefinite m./f. sing. verstrekkende
n. sing. verstrekkend
plural verstrekkende
definite verstrekkende
partitive verstrekkends

Etymology 2

[edit]

From ver +‎ strekkend.

Adjective

[edit]

verstrekkend (comparative verstrekkender, superlative verstrekkendst)

  1. far-reaching
Declension
[edit]
Declension of verstrekkend
uninflected verstrekkend
inflected verstrekkende
comparative verstrekkender
positive comparative superlative
predicative/adverbial verstrekkend verstrekkender het verstrekkendst
het verstrekkendste
indefinite m./f. sing. verstrekkende verstrekkendere verstrekkendste
n. sing. verstrekkend verstrekkender verstrekkendste
plural verstrekkende verstrekkendere verstrekkendste
definite verstrekkende verstrekkendere verstrekkendste
partitive verstrekkends verstrekkenders