aanbiddelijk

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

aanbiddelijk ‎(comparative aanbiddelijker, superlative aanbiddelijkst)

  1. adorable (befitting of being adored)

Inflection[edit]

Inflection of aanbiddelijk
uninflected aanbiddelijk
inflected aanbiddelijke
comparative aanbiddelijker
positive comparative superlative
predicative/adverbial aanbiddelijk aanbiddelijker het aanbiddelijkst
het aanbiddelijkste
indefinite m./f. sing. aanbiddelijke aanbiddelijkere aanbiddelijkste
n. sing. aanbiddelijk aanbiddelijker aanbiddelijkste
plural aanbiddelijke aanbiddelijkere aanbiddelijkste
definite aanbiddelijke aanbiddelijkere aanbiddelijkste
partitive aanbiddelijks aanbiddelijkers