deugdelijk

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

deugdelijk ‎(comparative deugdelijker, superlative deugdelijkst)

  1. sound, solid

Inflection[edit]

Inflection of deugdelijk
uninflected deugdelijk
inflected deugdelijke
comparative deugdelijker
positive comparative superlative
predicative/adverbial deugdelijk deugdelijker het deugdelijkst
het deugdelijkste
indefinite m./f. sing. deugdelijke deugdelijkere deugdelijkste
n. sing. deugdelijk deugdelijker deugdelijkste
plural deugdelijke deugdelijkere deugdelijkste
definite deugdelijke deugdelijkere deugdelijkste
partitive deugdelijks deugdelijkers