westelijk

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Etymology[edit]

westen +‎ -lijk

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

westelijk (comparative westelijker, superlative westelijkst)

  1. western
    Mensen uit de westelijke delen van het land zijn vreemd.
    People from the western parts of the country are weird.

Declension[edit]

Inflection of westelijk
uninflected westelijk
inflected westelijke
comparative westelijker
positive comparative superlative
predicative/adverbial westelijk westelijker het westelijkst
het westelijkste
indefinite m./f. sing. westelijke westelijkere westelijkste
n. sing. westelijk westelijker westelijkste
plural westelijke westelijkere westelijkste
definite westelijke westelijkere westelijkste
partitive westelijks westelijkers

Antonyms[edit]

See also[edit]