aangeslagen

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

aangeslagen (comparative aangeslagener, superlative aangeslagenst)

  1. shaken, affected
  2. (physics) excited

Declension[edit]

Inflection of aangeslagen
uninflected aangeslagen
inflected aangeslagen
comparative aangeslagener
positive comparative superlative
predicative/adverbial aangeslagen aangeslagener het aangeslagenst
het aangeslagenste
indefinite m./f. sing. aangeslagen aangeslagener aangeslagenste
n. sing. aangeslagen aangeslagener aangeslagenste
plural aangeslagen aangeslagener aangeslagenste
definite aangeslagen aangeslagener aangeslagenste
partitive aangeslagens aangeslageners

Participle[edit]

aangeslagen

  1. past participle of aanslaan

Declension[edit]

Inflection of aangeslagen
uninflected aangeslagen
inflected aangeslagen
comparative
positive
predicative/adverbial aangeslagen
indefinite m./f. sing. aangeslagen
n. sing. aangeslagen
plural aangeslagen
definite aangeslagen
partitive aangeslagens