brutaal

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

  • IPA(key): /bryˈtaːl/
  • (file)
  • Hyphenation: bru‧taal

Adjective[edit]

brutaal ‎(comparative brutaler, superlative brutaalst)

  1. impudent
  2. outspoken

Declension[edit]

Inflection of brutaal
uninflected brutaal
inflected brutale
comparative brutaler
positive comparative superlative
predicative/adverbial brutaal brutaler het brutaalst
het brutaalste
indefinite m./f. sing. brutale brutalere brutaalste
n. sing. brutaal brutaler brutaalste
plural brutale brutalere brutaalste
definite brutale brutalere brutaalste
partitive brutaals brutalers