buitenlands

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Etymology[edit]

From buitenland +‎ -s.

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

buitenlands ‎(comparative buitenlandser, superlative meest buitenlands or buitenlandst)

  1. foreign, exterior

Declension[edit]

Inflection of buitenlands
uninflected buitenlands
inflected buitenlandse
comparative buitenlandser
positive comparative superlative
predicative/adverbial buitenlands buitenlandser het buitenlandst
het buitenlandste
indefinite m./f. sing. buitenlandse buitenlandsere buitenlandste
n. sing. buitenlands buitenlandser buitenlandste
plural buitenlandse buitenlandsere buitenlandste
definite buitenlandse buitenlandsere buitenlandste
partitive buitenlands buitenlandsers

Derived terms[edit]