neukbaar

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

  • IPA(key): /nøːkbaːr/
  • (file)
  • Hyphenation: neuk‧baar

Etymology[edit]

From neuken +‎ -baar.

Adjective[edit]

neukbaar (comparative neukbaarder, superlative neukbaarst)

  1. (vulgar) fuckable

Inflection[edit]

Inflection of neukbaar
uninflected neukbaar
inflected neukbare
comparative neukbaarder
positive comparative superlative
predicative/adverbial neukbaar neukbaarder het neukbaarst
het neukbaarste
indefinite m./f. sing. neukbare neukbaardere neukbaarste
n. sing. neukbaar neukbaarder neukbaarste
plural neukbare neukbaardere neukbaarste
definite neukbare neukbaardere neukbaarste
partitive neukbaars neukbaarders