schaakstuk

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Noun[edit]

schaakstuk n (plural schaakstukken, diminutive schaakstukje n)

  1. chess piece

See also[edit]

Chess pieces in Dutch · schaakstukken (schaak + stukken) (layout · text)
♚ ♛ ♜ ♝ ♞ ♟
koning koningin, dame toren loper paard pion