vermenigvuldigen

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Etymology[edit]

From Middle Dutch vermenichvuldigen, vermenichvoldighen, akin to Old Dutch gimanagfaldon, from the same Germanic root as Old English gemanigfieldan and gemanigfealdian, Old Saxon gimanagfaldian and gimanagfaldon, Old High German gimanagfalton: ver- +‎ menigvuldig +‎ -en

Pronunciation[edit]

Verb[edit]

vermenigvuldigen ‎(past singular vermenigvuldigde, past participle vermenigvuldigd)

  1. (arithmetic) to multiply

Conjugation[edit]

Inflection of vermenigvuldigen (weak, prefixed)
infinitive vermenigvuldigen
past singular vermenigvuldigde
past participle vermenigvuldigd
infinitive vermenigvuldigen
gerund vermenigvuldigen n
verbal noun
present tense past tense
1st person singular vermenigvuldig vermenigvuldigde
2nd person sing. (jij) vermenigvuldigt vermenigvuldigde
2nd person sing. (u) vermenigvuldigt vermenigvuldigde
2nd person sing. (gij) vermenigvuldigt vermenigvuldigde
3rd person singular vermenigvuldigt vermenigvuldigde
plural vermenigvuldigen vermenigvuldigden
subjunctive sing.1 vermenigvuldige vermenigvuldigde
subjunctive plur.1 vermenigvuldigen vermenigvuldigden
imperative sing. vermenigvuldig
imperative plur.1 vermenigvuldigt
participles vermenigvuldigend vermenigvuldigd
1) Archaic.

Antonyms[edit]