Category:Dutch reflexive verbs
Appearance
| Newest and oldest pages |
|---|
| Newest pages ordered by last category link update: |
| Oldest pages ordered by last edit: |
Dutch verbs that indicate actions, occurrences or states directed from the grammatical subjects to themselves.
| Jump to: Top – A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z |
Pages in category "Dutch reflexive verbs"
The following 200 pages are in this category, out of 248 total.
(previous page) (next page)A
B
- bedenken
- bedienen
- bedoen
- bedrinken
- bedruipen
- beduchten
- beffen
- begeven
- behelpen
- beijveren
- beklagen
- bekommeren
- bekrimpen
- bekruisen
- bekwamen
- belgen
- bemoeien
- bepalen
- bepissen
- beraden
- beroepen
- beroezen
- beschenken
- beslapen
- bevinden
- bevlekken
- bevlijtigen
- bewegen
- bewinden
- bezatten
- bezeren
- bezighouden
- bezinnen
- bezondigen
- bezuipen
- blauw betalen
- blijden
- blindstaren
- bollen
- bommen
- bukken