gesloten

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

gesloten ‎(comparative geslotener, superlative geslotenst)

  1. closed

Inflection[edit]

Inflection of gesloten
uninflected gesloten
inflected gesloten
comparative geslotener
positive comparative superlative
predicative/adverbial gesloten geslotener het geslotenst
het geslotenste
indefinite m./f. sing. gesloten geslotener geslotenste
n. sing. gesloten geslotener geslotenste
plural gesloten geslotener geslotenste
definite gesloten geslotener geslotenste
partitive geslotens gesloteners

Antonyms[edit]

Related terms[edit]

Participle[edit]

gesloten

  1. past participle of sluiten

Inflection[edit]

This participle needs an inflection-table template.

Anagrams[edit]