voornaam

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Etymology 1[edit]

From voor- +‎ naam.

Pronunciation[edit]

Noun[edit]

voornaam m ‎(plural voornamen, diminutive voornaampje n)

  1. first name
Synonyms[edit]

Etymology 2[edit]

From Middle Dutch voorneem, voornaem, from Middle High German vornēme.

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

voornaam ‎(comparative voornamer, superlative voornaamst)

  1. important, distinguished
Declension[edit]
Inflection of voornaam
uninflected voornaam
inflected voorname
comparative voornamer
positive comparative superlative
predicative/adverbial voornaam voornamer het voornaamst
het voornaamste
indefinite m./f. sing. voorname voornamere voornaamste
n. sing. voornaam voornamer voornaamste
plural voorname voornamere voornaamste
definite voorname voornamere voornaamste
partitive voornaams voornamers
Synonyms[edit]
Derived terms[edit]