zuidwaarts

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Etymology[edit]

From zuid ‎(south) +‎ -waarts ‎(-wards).

Pronunciation[edit]

Adjective[edit]

zuidwaarts ‎(comparative zuidwaartser, superlative meest zuidwaarts or zuidwaartst)

  1. southward, southerly

Declension[edit]

Inflection of zuidwaarts
uninflected zuidwaarts
inflected zuidwaartse
comparative zuidwaartser
positive comparative superlative
predicative/adverbial zuidwaarts zuidwaartser het zuidwaartst
het zuidwaartste
indefinite m./f. sing. zuidwaartse zuidwaartsere zuidwaartste
n. sing. zuidwaarts zuidwaartser zuidwaartste
plural zuidwaartse zuidwaartsere zuidwaartste
definite zuidwaartse zuidwaartsere zuidwaartste
partitive zuidwaarts zuidwaartsers

Adverb[edit]

zuidwaarts

  1. southwards