omrekenen

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Verb[edit]

omrekenen

  1. to convert (sense 6: to express a unit of measure in terms of another)
    Hoe reken je graden Fahrenheit om naar graden Celsius? - How does one convert degrees Fahrenheit into degrees Celsius?
    Na de spectaculaire juwelenroof vorige week in Londen is een beloning van omgerekend ruim 1,1 miljoen euro uitgeloofd. - A reward of more than 1.1 million euros has been offered after the spectacular jewelry robbery last week in London.

Inflection[edit]

Inflection of omrekenen (weak, separable)
infinitive omrekenen
past singular rekende om
past participle omgerekend
infinitive omrekenen
gerund omrekenen n
verbal noun
main clause subordinate clause
present tense past tense present tense past tense
1st person singular reken om rekende om omreken omrekende
2nd person sing. (jij) rekent om rekende om omrekent omrekende
2nd person sing. (u) rekent om rekende om omrekent omrekende
2nd person sing. (gij) rekent om rekende om omrekent omrekende
3rd person singular rekent om rekende om omrekent omrekende
plural rekenen om rekenden om omrekenen omrekenden
subjunctive sing.1 rekene om rekende om omrekene omrekende
subjunctive plur.1 rekenen om rekenden om omrekenen omrekenden
imperative sing. reken om
imperative plur.1 rekent om
participles omrekenend omgerekend
1) Archaic.

Related terms[edit]

Anagrams[edit]