demoduleren

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Etymology[edit]

From de- +‎ moduleren, calqued from common scientific vocabulary such as English demodulate, German demodulieren, French démoduler.

Verb[edit]

demoduleren

  1. (transitive) to demodulate

Inflection[edit]

Inflection of demoduleren (weak)
infinitive demoduleren
past singular demoduleerde
past participle gedemoduleerd
infinitive demoduleren
gerund demoduleren n
verbal noun
present tense past tense
1st person singular demoduleer demoduleerde
2nd person sing. (jij) demoduleert demoduleerde
2nd person sing. (u) demoduleert demoduleerde
2nd person sing. (gij) demoduleert demoduleerde
3rd person singular demoduleert demoduleerde
plural demoduleren demoduleerden
subjunctive sing.1 demodulere demoduleerde
subjunctive plur.1 demoduleren demoduleerden
imperative sing. demoduleer
imperative plur.1 demoduleert
participles demodulerend gedemoduleerd
1) Archaic.

Synonyms[edit]

Anagrams[edit]