uitmonden

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Etymology[edit]

uit + monden

Verb[edit]

uitmonden

  1. (said of a river) to drain
    De Amazone ontspringt in Peru en mondt na 6500 kilometer uit in de Atlantische oceaan.[1] — The Amazon originates from Peru and, after 6500 kilometers, drains into the Atlantic ocean.
  2. (figuratively) to result in, to have as a result

Inflection[edit]

Inflection of uitmonden (weak, separable)
infinitive uitmonden
past singular mondde uit
past participle uitgemond
infinitive uitmonden
gerund uitmonden n
verbal noun
main clause subordinate clause
present tense past tense present tense past tense
1st person singular mond uit mondde uit uitmond uitmondde
2nd person sing. (jij) mondt uit mondde uit uitmondt uitmondde
2nd person sing. (u) mondt uit mondde uit uitmondt uitmondde
2nd person sing. (gij) mondt uit mondde uit uitmondt uitmondde
3rd person singular mondt uit mondde uit uitmondt uitmondde
plural monden uit mondden uit uitmonden uitmondden
subjunctive sing.1 monde uit mondde uit uitmonde uitmondde
subjunctive plur.1 monden uit mondden uit uitmonden uitmondden
imperative sing. mond uit
imperative plur.1 mondt uit
participles uitmondend uitgemond
1) Archaic.

Anagrams[edit]