verkrijgen

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Etymology[edit]

ver- +‎ krijgen

Verb[edit]

verkrijgen

  1. to obtain, gain, get

Inflection[edit]

Inflection of verkrijgen (strong class 1, prefixed)
infinitive verkrijgen
past singular verkreeg
past participle verkregen
infinitive verkrijgen
gerund verkrijgen n
verbal noun
present tense past tense
1st person singular verkrijg verkreeg
2nd person sing. (jij) verkrijgt verkreeg
2nd person sing. (u) verkrijgt verkreeg
2nd person sing. (gij) verkrijgt verkreegt
3rd person singular verkrijgt verkreeg
plural verkrijgen verkregen
subjunctive sing.1 verkrijge verkrege
subjunctive plur.1 verkrijgen verkregen
imperative sing. verkrijg
imperative plur.1 verkrijgt
participles verkrijgend verkregen
1) Archaic.

Derived terms[edit]