stimuleren

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Verb[edit]

stimuleren (past singular stimuleerde, past participle gestimuleerd)

  1. to stimulate

Conjugation[edit]

Inflection of stimuleren (weak)
infinitive stimuleren
past singular stimuleerde
past participle gestimuleerd
infinitive stimuleren
gerund stimuleren n
verbal noun
present tense past tense
1st person singular stimuleer stimuleerde
2nd person sing. (jij) stimuleert stimuleerde
2nd person sing. (u) stimuleert stimuleerde
2nd person sing. (gij) stimuleert stimuleerde
3rd person singular stimuleert stimuleerde
plural stimuleren stimuleerden
subjunctive sing.1 stimulere stimuleerde
subjunctive plur.1 stimuleren stimuleerden
imperative sing. stimuleer
imperative plur.1 stimuleert
participles stimulerend gestimuleerd
1) Archaic.

Derived terms[edit]