beperken

Definition from Wiktionary, the free dictionary
Jump to: navigation, search

Dutch[edit]

Pronunciation[edit]

Verb[edit]

beperken ‎(past singular beperkte, past participle beperkt)

  1. to limit, curtail, restrict
    De vrijheid van meningsuiting wordt niet alleen door de wet beperkt, maar ook door normen van moraal en beschaving. — Freedom of speech is not only bounded by the law, but also by norms of morality and civility.
  2. to abridge

Conjugation[edit]

Inflection of beperken (weak, prefixed)
infinitive beperken
past singular beperkte
past participle beperkt
infinitive beperken
gerund beperken n
verbal noun
present tense past tense
1st person singular beperk beperkte
2nd person sing. (jij) beperkt beperkte
2nd person sing. (u) beperkt beperkte
2nd person sing. (gij) beperkt beperkte
3rd person singular beperkt beperkte
plural beperken beperkten
subjunctive sing.1 beperke beperkte
subjunctive plur.1 beperken beperkten
imperative sing. beperk
imperative plur.1 beperkt
participles beperkend beperkt
1) Archaic.